De onvermijdelijke veroordeling van Wilders

vrijdag 5 februari 2010 20:28 | Crimesite | 3585 keer bekeken | 2 reacties | 0 x aanbevolen

Meer en meer raakt de integriteit van het strafproces in de verdrukking en meer en meer wordt duidelijk dat de berichtgeving in de media op zijn zachtst gezegd te wensen overlaat. Het begon al met een tv-uitzending van Zembla over "officieren van justitie in de fout".  Er werd een lijst met ongeveer 90 foute officieren gepresenteerd, maar het daaraan ten grondslag liggende journalistieke onderzoek rammelt aan alle kanten, waardoor het voor het Openbaar Ministerie straks prijsschieten wordt. En dat valt te betreuren, want leidt de aandacht af van het kwalijke gesjoemel dat wel degelijk op het conto van politie en justitie kan worden geschoven. Ook Vrij Nederland moest na een klacht van het Openbaar Ministerie bij de Raad voor de journalistiek bakzeil halen, o.a. omdat de bepaald niet malse kritiek op het Openbaar Ministerie was verpakt in Jip en Janneke-taal die geen recht deed aan de juridische nuances. Dat schrijft Dr. mr. Wicher Wedzinga vandaag.

En ook dat is betreurenswaardig, want de kritiek snijdt wel degelijk hout. Maar er kan niet vaak genoeg voor worden gewaarschuwd, dat het maken van een vertaalslag van juridische vaktaal naar voor een ieder begrijpelijk Nederlands riskant is. Zelfs als de journalisten geen groentjes in de rechtszaal zijn.

Deze week stond vooral in het teken van het proces tegen Wilders en het Liquidatieproces. Maar in plaats van belangrijke vragen in het proces tegen Wilders over het voetlicht te brengen, ging de aandacht van de media uit naar de onderlinge en persoonlijke ruzies tussen Moszkowicz, Peter R. de Vries en - en passant - Wim Anker. Programma's als De Wereld Draait Door en Pauw & Witteman kregen er kennelijk geen genoeg van en de geïnteresseerde kijkers, die zich afvragen waarom er slechts drie van de achttien getuigen worden gehoord en wat de implicaties hiervan zijn van voor het proces, bleven met hun vragen zitten. Is de rechter dan toch partijdig? Aan de hand van welk criterium moet de rechter beoordelen of getuigen al dan niet worden gehoord? Waarom worden de getuigen niet in het openbaar gehoord? Doet Wilders terecht een beroep op het recht op vrijheid van meningsuiting? Hoe verhoudt zich dit verdragsrechtelijk gewaarborgde recht tot de strafbare feiten waarvan Wilders wordt verdacht? Op deze vragen kan in gewoon Nederlands heel goed en correct een begrijpelijk antwoord worden gegeven. Maar de media heeft aan dit antwoord kennelijk geen boodschap.

Het Luiqidatieproces werd in de mainstreammedia zelfs nagenoeg gemeden, terwijl dat grote en geruchtmakende moordproces een soort lakmoesproef is voor de geloofwaardigheid van de strafrechtshandhaving en het gevecht tussen OM en verdediging volop is losgebarsten. De redactie van Zembla, dat in zijn uitzending van zondag 31 januari het Openbaar Ministerie op de slachtbank legde,  zal zich als een roepende in de woestijn voelen. Want hoezeer het door Zembla geëntameerde onderzoek ook te wensen overlaat, de conclusies liegen er niet om en zijn in de kern onweerlegbaar. Er zijn officieren van justitie die in hun scoringsdrift alle perken te buiten gaan, strafrechtelijk verwijtbaar handelen en er op zijn slechts met een disciplinaire maatregel vanaf komen. De journalisten van Vrij Nederland, Marian Husken en Harry Lensink, die, als gezegd, op dit punt de kat de bel aanbonden, werden onthaald op een klacht van het Openbaar Ministerie en zijn inmiddels door de Raad voor de Journalistiek tot de orde geroepen. Klokkenluiders worden in ons land nog steeds niet geduld en roepen het onheil over zichzelf af.

De terechte kritiek van Zembla stuitte op een onthutsend zwakke en zwabberende verdediging door mr. Brouwer, die een onnavolgbaar onderscheid maakte tussen 'beroepsfouten' en 'verwijtbaar plichtsverzuim', waarbij dat laatste zou zien op o.a. officieren die de wet overtreden en/of strafbare feiten plegen. In die gevallen dienen volgens Brouwer disciplinaire maatregelen te volgen. Officieren van Justitie die uit  hoofde van hun beroep strafbare feiten plegen worden dus niet strafrechtelijk vervolgd! Een schande! Als een officier van justitie bewust ontlastende informatie achterhoudt waardoor iemand onterecht van zijn vrijheid wordt beroofd, dient die officier onmiddellijk aan een strafrechtelijk onderzoek door de Rijksrecherche te worden onderworpen en bij voldoende bewijs strafrechtelijk te worden veroordeeld. Zo wordt systeemvervuiling van de eigen organisatie voorkomen.

Ik zou zeggen: alle hens aan dek, want als het tijd is voor een grondig, onafhankelijk onderzoek naar het functioneren van de strafrechtspleging en de daarmee samenhangende interactie en belangenverstrengeling tussen media, politie en justitie. De voorlichting is gekleurd, eenzijdig en niet informatief. Kranten hebben geen expertise in huis, er lopen allerlei onderlinge lijntjes en misdaadjournalisten worden ingehuurd en gerecruteerd voor een rol waarvoor zij niet zijn opgeleid. Al met al regeert de middelmaat en bepaalt die middelmaat vooral op basis van een zucht naar entertainment het vertekende beeld dat bij het grote publiek beklijft. Wilders kan daardoor in zijn proces de toon zetten, maar heeft juridisch geen schijn van kans en zal op basis van de huidige strafwetgeving moeten worden veroordeeld. Want bij de strafbepalingen waarvan hij wordt verdacht (artikelen 137c en 137d Wetboek van Strafrecht) gaat het niet om de bedoeling die Wilders voor ogen stond bij het ventileren van zijn opvattingen, maar staat centraal of die opvattingen redelijkerwijs geschikt zijn om een groep mensen te kwesten en om haat te zaaien. Het opzetvereiste is geminimaliseerd, de reikwijdte er van beperkt en een bijzondere strafuitsluitingsgrond, zoals bij smaad en smaadschrift, kennen deze misdrijven niet. De enige 'escape' voor Wilders is artikel 10 Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens, maar daar heeft Wilders geen baat bij. Zelfs de vraag of het kwetsende en haatzaaiende effect daadwerkelijk is bereikt is juridisch irrelevant. Zoals ook de vraag of de uitlatingen en vergelijkingen zijn gedaan in het kader van een publiek debat niet wezenlijk ter zake doet. Naar nationaal recht is Wilders strafbaar en het in artikel 10 gewaarborgde recht op vrijheid van meningsuiting doorbreekt die strafbaarheid niet, omdat bij uitstek politici zich van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid bewust moeten zijn. Er zijn al politici veroordeeld voor opmerkingen die minder grievend en kwetsend zijn als die van Wilders.

In feite is Wilders ook al veroordeeld door het Hof in de klachtprocedure ex artikel 12 Wetboek van Strafvordering en zijn pogingen om de aandacht van de kern van de zaak af te leiden, zijn bijna lachwekkend, maar doen het in de media goed en zullen het  daardoor vermoedelijk ook bij een groot publiek goed doen. Het is buitengewoon gênant en stuitend dat simpele one-liners en slogans van Wilders in de trant van : "de vrijheid van meninsguiting staat terecht", "de rechters hebben er geen verstand van", "men gunt mij geen eerlijk proces" en "de rechters zijn niet geïntereseerd in de waarheidsvinding" breed in de publiciteit worden uitgemeten, zonder dat iemand zich afvraagt waarom het in dit strafproces wezenlijk gaat. Daardoor dreigt de uiteindelijke veroordeling van Wilders een onterechte, wrange bijsmaak te krijgen. Laat een ieder duidelijk zijn, dat de waarheidsvinding niet inhoudt dat de strafrechter een vergelijkend warenonderzoek moet doen tussen de "Koran" en "Mein Kampf" en vervolgens moet beoordelen of de door Wilders getrokken vergelijking terecht is. Die kwestie speelt helemaal niet en al zou zij wel spelen, dan dient een ieder zich te realiseren dat ook het verkondigen van waarheid "kwetsend" kan zijn en "haat kan zaaien".

Waar het wezenlijk om gaat is of Wilders de in de beschuldiging genoemde uitlatingen en vergelijkingen heeft gemaakt (een feitelijke vraag, die eenvoudig is te beantwoorden) en vervolgens moet beoordelen of  die statements strafbaar zijn. Bij het beantwoorden van de laatste vraag speelt de verhouding tussen de nationale wetgeving en het (o.a.) in artikel 10 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens gegarandeeerde recht op vrijheid van meningsuiting. Een interessante, typisch juridische vraag, die moet worden beantwoord op basis van wettelijke criteria ("pressing social need") en in de jurisprudentie ontwikkelde criteria. Als dat antwoord ontkennend zou zijn, kunnen we beter de in onze nationale wetgeving opgenomen strafbepalingen schrappen. Iets waar ik overigens, in meer algemene, rechtsfilosofische zin, niet per definitie op tegen ben, met die aantekening, dat ik het uitlokken tot geweld tegen bevolkingsgroepen van deze wetstechnische bezuinigingsoperatie zou uitsluiten.

Ook de strafvervolging in het Liquidatieproces lijkt op een fiasco uit te lopen. Een deal met een kroongetuige als La Serpe is een pact met de duivel en als het Openbaar Ministerie daar een grootscheeps moordproces aan ophangt, moet de nood wel hoog zijn.  Hierbij mag het Openbaar Ministerie de hand in eigen boezem steken. In de macabere klucht die zich heeft ontwikkeld is er afwisselend sprake geweest van ruzie c.q. onenigheid tussen de kroongetuige en het Openbaar Ministerie, tegenstrijdigheden in de verklaringen die de kroongetuige aflegt en nu schijnt er, in weerwil van de met Peter La Serpe gesloten overeenkomst, ook nog eens sprake te zijn van een kroongetuige die wellicht meer moorden op zijn geweten heeft. Ondertussen tovert justitie opeens getuige Q5 uit de hoge hoed en komt de verdediging op de proppen met getuigen F1 en F3, waaraan mogelijk getuige F2 zal worden toegevoegd. De rechter-commissaris krijgt het druk. Wat blijft er na dit alles nog over van de betrouwbaarheid van een kroongetuige, die ook nog eens "van horen zeggen" verklaart? Mijn inziens niets. En als blijkt dat in de door de verdediging vergeefs opgevraagde strafdossiers informatie zit waaruit blijkt dat de kroongetuige bij een of meerdere moorden betrokken is, doet zich opnieuw een situatie voor dat het Openbaar Ministerie de rechter bewust op het verkeerde been zet. Maar die dossiers zullen in het kader van de lopende opsporingsonderzoeken niet boven tafel komen.

Een eerlijk strafproces is gebaat bij een rechter die niet slaafs het Openbaar Ministerie volgt en die zich niet laat leiden door druk door of vanuit de media. Anders krijgen we veroordelingen zoals die tegen Louis H. (waarover binnenkort meer). Dat het Openbaar Ministerie fouten maakt is menselijk en niets nieuws, dat die fouten in een verziekte managementcultuur worden toegedekt en door de rechter soms voor zoete koek worden geslikt middels toepassing van artikel 359a Wetboek van Strafvordering is minst genomen onheilspellend. Het Openbaar Ministerie heeft een broertje dood aan introspectie en zelfreflectie, waardoor het zelfreinigend vermogen tot het nulpunt is gereduceerd. Het rottingsproces gaat dus verder en het parlement doet niets. Het laatste bastion is de rechter. Toen ik raadsheer was, werd al gezegd dat "ook wij"  aan de beurt komen. Die tijd lijkt nu te zijn aangebroken.  Na geruchtmakende rechterlijke dwalingen in zaken als de Schiedammer Parkmoord, laat het zich aanzien dat in de komende tijd meer rechterlijke dwalingen van die orde van grootte aan het licht zullen komen. De strafrechtspleging is een keten, waarvan de schakels niet op zichzelf dienen te worden gewaardeerd. Het is juist de som, die meer is dan de afzonderlijke delen. Dat stemt somber en vraagt om een veelomvattend, onafhankelijk en deskundig onderzoek.

Reacties

    De onvermijdelijke veroordeling van Wilders

    vrijdag 12 februari 2010 14:13 | Dovstojevski |
    Zo langzamerhand moet het voor de geïnteresseerden in het proces tegen Geert Wilders toch duidelijk zijn dat veel van zijn uitlatingen ontegenzeggelijk juist zijn, inclusief zijn vergelijking van de Koran met Mein Kampf daar waar het haat zaaien tegen de Joden betreft. Een onderzoek wees uit dat ruim 10% van de inhoud van de Koran dit onderwerp betreft tegen ruim 6% aangaande Mein Kampf. Dit politiek proces heeft dan ook alles te maken met het met alle middelen tegenhouden van een veroordeling van de Koran ondanks dat dit op grond van de beweringen van o.a. Geert Wilders een juiste veroordeling zou zijn.
    Indien de uitlatingen van Wilders inhoudelijk buiten beschouwing worden gelaten en de toetsing slechts van toepassing is op of hij wel of niet de islamitische groepering in Nederland beledigd, worden de grenzen van onze rechtsstaat overtreden. Niet alleen de sympathisanten van Geert Wilders, maar elke Nederlander die de islam als een steeds groter wordende bedreiging voor de Westerse samenleving in het algemeen en Nederland in het bijzonder ervaart zouden zich moeten verenigen en een soortgelijk proces tegen alle islamitische organisaties in Nederland moeten opstarten op dezelfde gronden n.l. het met voeten treden van moslims van onze normen en waarden. Deze groep zal zich minstens zo beledigd voelen en, sterker nog, op zeker langere termijn, bedreigt.  

    Nederland Kloteland

    woensdag 17 februari 2010 16:36 | Vincent Brunott |

    De vergelijking tussen de koran en 'Mein Kampf' is iets waar veel mensen aan de hand van uitlatingen van Wilders een mening over vormen. Dat veel mensen dat doen zonder beide boeken zelf te hebben gelezen getuigt van blinde gehoorzaamheid aan onderbuikgevoelens, gebrek aan eigen identiteit en een ongezonde drang om horig te zijn aan vermeende autoriteiten.

    Toen het boek 'De Duivelsverzen' van Salman Rushdie werd uitgegeven en veel moslims de straat op gingen om tegen dat boek en de schrijver te protesteren had 99.99% van die moslims dat boek nooit gelezen! Veel autochtone Nederlanders gedragen zich nu met betrekking tot de koran geen moer beter! Opvallend hoe veel geborneerde, benauwde spitsburgerlijke, horige en betweterige groepsdiertjes zich tegenwoordig voor mensen proberen uit te geven!

    In de koran worden moslims herhaaldelijk opgeroepen om met joden en christenen vreedzame betrekkingen te onderhouden, handel met ze te drijven en ze te behandelen als broeders. Wilders houdt daar zijn mond over want dat komt in zijn piepkleine stinkende straatje niet van pas.

    Pas als joden en christenen (of wie dan ook) het moslims onmogelijk maken om naar de moskee te gaan (dus om hun godsdienst te belijden) mag er volgens de koran (zeer bloederig) geweld worden gebruikt. Als je die passages uit hun context licht kun je verhalen verzinnen zoals Wilders dat doet. En alvorens nu betweterig te reageren (als iemand dat al van plan zou zijn): Lees eerst op zijn minst de koran van het begin tot het eind eens geduldig uit!

    De rondgonzende op niets reëels gebaseerde slogan 'Wilders heeft in veel dingen gewoon gelijk' is niets anders dan een soort mantra dat zich meester maakt van het onderbewustzijn van benepen zieltjes.

    Ik heb een grote hekel aan alle geïnstitutionaliseerde godsdiensten. En: Ik heb nu even een heel slecht humeur omdat Nederland een fucking benauwd kloteland is geworden. Binnekort zal ik mij dankzij allerlei inspanningen weer in een veel betere stemming bevinden maar 'Nederland Kloteland' zal nog wel even blijven... Ook dat Wilders voor het gerecht is gedaagd is daar een uiting van. Het is verspilling van aandacht, intelligentie, energie, geld en middelen in een wereld die aan heel andere oorzaken te gronde dreigt te gaan dan die door struisvogel Wilders worden genoemd.

    Het proces van de eeuw zoals Wilders beweert? Nee, natuurlijk niet. Groteske grootheidswaan!

 Quote

Statistiek: de wetenschap waarmee verschillende experts met dezelfde cijfers tot heel verschillende conclusies kunnen komen.
Evan Esar (1899-1995), Amerikaans humorist