Gelovigen leven misschien langer en gezonder

donderdag 2 februari 2006 22:53 | Frank | 2199 keer bekeken | 2 reacties | 0 x aanbevolen
Gelovigen hebben gemiddeld een langer en gezonder leven dan zij die zich niet met religieuze zaken inlaten. Onderzoek toont aan dat het geloven zelf en het bijwonen van religieuze rituelen een bepaalde hersenstof creëren die de mens doet opleven. Daarnaast wordt het immuunsysteem versterkt, zodat de gelovige langer leeft.

Evolutiebioloog Robin Dunbar zegt dat godsdienst qua evolutionair oogpunt heilzaam is voor de mens. "Dat komt in de eerste plaats doordat religies morele richtlijnen kennen, die voor een maatschappelijke ordening zorgen, wat de mens op haar beurt tegen zichzelf beschermt. In de tweede plaats is er een biochemische reden. Veel religieuze rituelen zorgen namelijk voor de productie van endorfine in ons brein. Deze neurotransmitters zijn pijnonderdrukkend en veroorzaken geluksgevoelens. Ook versterkt endorfine het immuunsysteem."

Religie heeft volgens Dunbar hetzelfde effect als placebo's. Als mensen nepmedicijnen slikken, maken zij ook endorfine aan. "Het werkt echt, als je er maar in gelooft."
Bron: FOK!
Externe link: http://www.fok.nl

Reacties

    Mooi stukje over geloven

    donderdag 2 februari 2006 23:36 | Innercircle |

    Laatst stond er hier al een artikel met een gedeelte wat ook ging over GELOVEN. Dit stond er onder andere:

    In onze moderne tijd is geloof teruggebracht tot een versleten en afgezaagd principe. Wij verstaan nu onder geloof een acceptatie of een geloofsbelijdenis van een bepaalde leer. En de mens is verder ‘orthodox’ als hij zich beroept op zware fundamentalistische leerstellingen of omgekeerd ook op zeer ruime en zeer liberale principes. We zien dat men dus in verschillende toonaarden kan geloven of misschien juist wel helemaal niet kan geloven. Maar de Heilige Schriften van alle tijden maken ons duidelijk dat geloof en vertrouwen niet hetzelfde zijn als een geloofsbelijdenis of het accepteren van de leer van een kerk, van een school of van een god.

    Het maakt duidelijk dat een waar Geloof berust op iets dat men in zich heeft, zich heeft toegeëigend en waarvan men zich terdege bewust is geworden. Met nadruk mogen we stellen dat je gelooft met je hart en dat een waar Geloof zich ook in ieders hart zal moeten vastzetten. Het is de goddelijke vonk die daar huist die weer tot leven moet worden gebracht. Tot het moment dat deze vonk is ontwaakt, is er geen sprake van geloof, want de ware betekenis van ‘geloof’ is Weten; en dit heeft niets van doen met gespeculeer, gebaseerd op ergens in geloven of in een hoopvol begrijpen. Er bestaat niet iets als ‘blind geloof of een blind vertrouwen’.

    Zonder echt Geloven dat innerlijk WETEN is, wordt al het spirituele slechts dualistisch gespeculeer, imitatie, een gevallen religie. Aan de andere kant echter zullen we zien dat wanneer er sprake is van een waarachtig Geloof, wij ook de zeven voorwaarden waarover Petrus sprak, in een geheel nieuw daglicht kunnen zien”.

    Geloof zoals hierboven is beschreven, is waarachtig Geloven gebaseerd op ‘Weten’. En dat ‘Weten” uit zich in een diep geworteld Vertrouwen in ons eigen Pad, dat gelijk staat met kunnen liefhebben en liefde kunnen ontvangen. Het begint met de allergrootste verandering waartoe wij ooit zullen besluiten: namelijk dat wij de stap willen wagen om een nieuw Pad te bewandelen, een nieuw en innerlijk avontuur aan te gaan en ons innerlijk bereid stellen om ons te willen OVERGEVEN om een onbekende avontuurlijke reis te gaan volgen. Het markeert de MEEST belangrijkste fase in ons hele leven. De fase dat wij ons open gaan stellen om een nieuwe Realiteit te ervaren en te weten wat werkelijk LEVEN is. Het is het begin van een zoektocht naar ons ware Zelf. Een avontuur waarin het besef doorbreekt dat alleen maar lief zijn voor elkaar NIET meer voldoende is. Iets dat in de new age wereld vaak wordt gepromoot. Voor deze stap in het onbekende is een flinke dosis vertrouwen nodig, want je zet een pad buiten de gebaande paden. Een Vertrouwen ook dat hiermee een begin wordt gemaakt met een serie juiste keuzes.

    Want zeiden we niet in het begin al dat de mens voor keuzes komt te staan? Kan hij dit zoeken aan? Durft hij wel te kiezen? Is hij moedig genoeg een afwijkende koers te varen? Durft hij wel dingen te onderzoeken die anders zijn dan de alledaagse zaken van werk en sociale relaties en het risico te aanvaarden dat vrienden en familieleden hem niet begrijpend aanstaren? Heeft hij voldoende vertrouwen in zichzelf? Beseft hij wel dat zijn vertrouwen zou kunnen worden getest? Beseft hij ook dat er tegenwerkende krachten zijn die hem onmiddellijk op alle mogelijke manieren van die vreemde gedachten af willen helpen. Die niet willen dat hij gaat zoeken en wellicht de Waarheid vindt?

    Inderdaad, wanneer iemand gaat zoeken ontstaat het ‘risico’ dat vrienden wegvallen. Hij krijgt te maken met ogenschijnlijke tegenslagen in de liefde of andere situaties – zowel privé en zakelijk - waardoor iemands ‘vertrouwen’ best een grote deuk KAN krijgen. Of hij krijgt juist veel mooie dingen aangereikt en gaat het met hem/haar heel erg goed in alles. Hij krijgt ofwel tegenslagen en crisissen of hij wordt verleid en krijgt veel mooie dingen al naar gelang zijn omstandigheden.

    Om het hele artikel te lezen: http://www.yayabla.nl/Showarticle.asp?article=1114

    Gelovigen leven misschien langer en gezonder

    vrijdag 3 februari 2006 11:02 | Destrée |

    De 'Goddelijke vonk" heeft sinds mensenheugenis Godsdienstoorlogen doen ontbranden.

    In alle ideologieën terroriseren fundamentalistisch integristische doordrijvers. Of het nu Godsdienst is of nationaal-socialisme of communisme.
    Zo ontstaan Zionisme, Christisme en Islamisme. En Nazisme, Leninisme, Stalinisme en Maoïsme. En ook Oranjefascisme.

    Godsdienst blijkt uit biologisch ingebakken angst (voor het onbekende) te zijn geboren. Zoals de Franse bioloog en filosoof Jacques Monod in 'Le hasard et la nécessité' zo duidelijk heeft bewezen.
    Godsdienst is een dwangneurotisch beleven.
    Moed houden maar!

    Charles Destrée.