Het padvindershandboek van Al-Qaeda

dinsdag 19 september 2006 19:24 | Frank | 2885 keer bekeken | 0 reacties | 0 x aanbevolen
Deze week werden in Den Haag twee Arabieren gearresteerd die bezig waren vanuit een auto de straten op video vast te leggen. Op woensdag constateerde De Volkskrant dat de twee precies deden wat het handboek van Al-Qaeda vraagt van terroristen die een aanslag voorbereiden: de verkeerskundige situatie in kaart brengen.

Zou zwaaien met een videocamera de slimste manier zijn? Persoonlijk zou ik de voorkeur geven aan een plattegrond. Die heb je sneller, kost minder, is makkelijker na te kijken en geeft duidelijker informatie. Doe me een lol, van videobeelden uit een auto word je misselijk. Of gaan analfabeten die aanslag plegen? Als dit Bin Ladens topstrijders zijn dan is de LPF een elitekorps.

Hoe dan ook, het bestaan van zo'n terroristenhandboek wekt natuurlijk de nieuwsgierigheid, Zou dat moeilijk te vinden zijn? Nou nee. Een simpele zoekopdracht bij Google volstaat. Pikant is wel dat op de eerste vindplaats http://www.usdoj.gov/ag/trainingmanual.htm, het Amerikaanse ministerie van Justitie zelf, een aantal hoofdstukken is weggelaten omdat het ministerie 'niet wil helpen bij het opleiden van terroristen of nieuwe terroristische daden wil aanmoedigen.'
inmiddels werkt de hele link niet meer.

Dat is stom zeg. Duidelijker kun je de interessante hoofdstukken niet aanwijzen. Een paar zoekresultaten verderop vond ik volledige versie http://cryptome.org/alq-terr-man.htm dus wat denkt het ministerie precies te bereiken?

Snuffelen in dit handboek gaf me een sterk Mein Kampf-gevoel. Het lezen van mijn gedownloade exemplaar van Mein Kampf http://www.nazi-lauck-nsdapao.com/adolf-hitler-mein-kampf.htm heb ik ervaren als een persoonlijk gesprek met een schurk over wie ik tot dan toe alleen geruchten had gehoord. Geen onverdeeld genoegen (MK is niet om door te komen) maar op een lugubere manier opwindend en verhelderend.

De tekst van het Al-Qaeda-handboek is gevonden in het huis van een vermoedelijke terrorist in Manchester; het is niet honderd procent zeker dat het authentiek is. Ik spring meteen naar de hoofdstukken die het Justice Department liever niet toont. Die zijn ontnuchterend. Ik wil niemand beledigen, en zeker niet iemand die net zijn zelfgemaakte bom klaar heeft, maar 'Les 13' over geheimschrift is van padvindersniveau. Er worden wat codes uitgelegd voor middelbare scholieren waar de CIA geen moment van wakker zal liggen. Waarom wil de Amerikaanse regering dit niet openbaren? Mogen we niet weten dat van Al-Qaeda niets te vrezen valt?

Iets meer gemengde gevoelens heb ik over Les 14, over ontvoeringen en aanslagen. Over het algemeen blijft het tot vrolijkheid inspireren. Er is bloedserieuze uitleg over iets antieks als de revolver, en een hoeveelheid tekst over de vraag of je bij het schieten je wapen met één of met twee handen moet vasthouden. Wat is dat voor een terroristenopleiding, als je dit soort informatie uit een boekje moet halen? Krijgen we geen praktijktraining meer? En dan wordt er verteld over (deels) mislukte aanslagen, waarbij blunders zijn gemaakt waarvoor Mr. Bean zich nog zou schamen: het slachtoffer missen met diverse schoten van korte afstand, geen vluchtauto hebben, wegrennen naar het huis van je chef.

Maar zelfs bij een dergelijke kolderieke actie vallen gewoon doden. En de bedoeling is natuurlijk dat de leergierige lezer níet zulke fouten maakt. Het is wel degelijk bloedige ernst. En ik geloof dat ik Les 16, over aanslagen met vergif en met messen, bij nader inzien liever niet had gelezen. Dat hoofdstuk confronteert je ermee hoe eenvoudig het is iemand van het leven te beroven.

Kortom: lees en huiver.
Bron: Herbert Blankesteijn